De zomervakantie zal in veel gezinnen van HAVO- en VWO-scholieren gebruikt worden om na te denken over de keuze voor het vakkenpakket voor het 1e bovenbouwjaar. De druk op meisjes om voor een bèta profiel te kiezen, zal als vanouds niet mals zijn. Nederland loopt nog steeds achteraan in de participatie van vrouwen in technische beroepen en omdat je met een bèta profiel -volgens de overlevering- een gouden toekomst tegemoet gaat, moet je als meisje behoorlijk sterk in je schoenen staan om de druk te weerstaan. Gelukkig weten de meeste meisjes beter.

Geen verbreding

Ik herinner ze nog goed: De meisjes eind jaren ’80 in mijn 4e klas VWO. De campagneterreur van “Kies Exact” was op zijn hoogtepunt. Onder zware druk van hun ouders, opgejut door leraren en de schoolleiding, hadden ze toch maar Wiskunde B en Natuurkunde in hun vakkenpakket opgenomen. Hoewel ze daarin beslist niet onderdeden voor de jongens droop de demotivatie van hun gezichten af. Op enig enthousiasme over een onverwacht hoog cijfer of een sterke vraag aan de leraar heb ik ze niet kunnen betrappen. “Maar voor een gouden toekomst moet je wat over hebben”, was de heersende gedachte. Een slimme meid is immers op haar toekomst voorbereid en als daar enkele jaren met tegenzin bètablokken bij hoort, dan moet dat offer maar worden gebracht. Alles voor een geëmancipeerde toekomst.

Je toekomst in de techniek is niet zo rooskleurig geweest als men jou wil doen geloven. Dat weerhoudt de opleidingsinstituten er overigens niet van om opnieuw dergelijke campagnes te voeren. Ga je naar de Technische Universiteit, dan kun je je jaren specialiseren op één onderwerp, net zolang dat je van niets alles af weet. Hooguit een handjevol mensen op aarde zullen begrijpen wat jij maandenlang in dat laboratorium als afstudeeropdracht hebt gedaan. Terwijl je collega-studenten in alfa- en gammastudies zich verbreden in hun kennis en zich verdiepen in de maatschappij en het bedrijfsleven, waar ze via internationale uitwisselingsprogramma’s en stages in het veld aan een machtig netwerk bouwen zit jij alleen onder wit TL-licht maandenlang de parameters van een proefopstelling bij te stellen. Terwijl je klasgenoten van de middelbare school hebben geleerd hoe ze een bedrijf moeten runnen, heb jij jarenlang in buisjes salpeterzuur lopen turen.

Geen toekomstperspectief

“Techneuten kunnen niet communiceren”, “Maak van een techneut nooit een manager; Dan ben je een goede techneut kwijt en een slechte manager rijker”, “Techneuten zijn maar in één ding goed en zijn dus niet multi-inzetbaar”, “Eens een techneut altijd een techneut”, “Techneuten zijn autistisch, ze stinken en dragen rare brillen en afgekloven T-shirts”, “Techneuten zijn niet klantgericht”. Dit een greep van de clichés die ik afgelopen jaren over mensen met een technische specialisatie heb horen zeggen. Wie op een feestje zegt dat zij iets in de techniek doet, kan rekenen op een vragend of zelfs vies gezicht.

Deze clichés en het gebrek aan brede vorming maken je carrièrepad als techneut erg smal. Sowieso zijn het vooral anderen die over je carrière gaan beslissen, niet jij. Je wordt geleid door een manager. Hij studeerde bedrijfskunde of economie en hanteert de bovenstaande clichés. Hij verdient vermoedelijk het dubbele van wat jij verdient. Gezien de bovenstaande clichés gaat hij je nooit op een ander carrièrepad zetten dan dat van geniale gek die één klein kunstje tot in de puntjes beheerst.

Geen zekerheid

Als je het beu bent ga je solliciteren. Daar krijg je te maken met de medewerkers van Personeel en Organisatie. Zij hebben psychologie gestudeerd. Samen met je nieuwe baas bepalen ze wat jij waard bent. Veel heb je daarbij niet in te brengen. Met hun superieure communicatieve vaardigheden, die jij niet hebt geleerd, laten ze je staan met een mond vol tanden en een matig salaris. Als je al ooit iets uitvindt wat de moeite waard is word jij niet rijk,  maar je werkgever. Dat is voor jou bepaald: door iemand die een MBA heeft gehaald en vastgelegd door iemand die rechten heeft gestudeerd.

Baanzekerheid heb je ook al niet. Als er gereorganiseerd wordt lig jij er als eerste uit. R&D afdelingen van bedrijven zijn doorgaans ideale kazen voor de schaaf als er op korte termijn moet worden bezuinigd. De globalisering maakt je toekomst al helemaal onzeker. Omdat je kennis niet talig is, kan het net zo goed worden gedaan door iemand uit India of Oost-Europa. Voor een schijntje van wat jij kost.

Verder wordt je feitenkennis (ik noem het je expliciete kennis)  steeds meer door internet ontsloten. In plaats van jou te raadplegen zoekt men het gewoon op. Zelfs je kennis waar en bij wie je bepaalde kennis kunt raadplegen (ik noem het je impliciete kennis) is niet meer veilig. Dankzij sociale media krijgt iedereen in de nabije toekomst toegang tot jouw netwerk. En omdat alfa’s en gamma’s veel beter zijn in netwerken onderhouden dan jij ben jij als tussenstation nauwelijks nog interessant.

Geen erkenning

Beroemd worden zul je niet. In tegenstelling tot beroemde schrijvers, advocaten en economen zijn beroemde wetenschappers bijna niet meer bestaand. Grote doorbraken in de wetenschap worden door grote groepen wetenschappers gezamenlijk tot stand gebracht. Jij bent slechts een anoniem radartje in een groot geheel. Uit je hoofd: “Wie won de nobelprijs natuurkunde 2007?”. Nou dan.

Is er dan echt niets positiefs te melden? Jawel. De technische universiteiten hebben wel degelijk succesverhalen afgeleverd: hoogleraren, politici, bouwmeesters, topbestuurders etc. Het lijstje van de Technische Universiteit Eindhoven toont het aan, maar met dit lijstje is iets vreemds aan de hand. Wie de curriculae bekijkt, ziet dat vrijwel alle grote namen ergens een switch hebben gemaakt in hun loopbaan. En die switch is steevast van de techniek af! Ik zou bijna zeggen: Ze zijn doorgebroken ondanks hun gespecialiseerde bèta opleiding en niet dankzij.

De meeste meisjes die ik nog ken van het VWO hebben gelukkig die switch ook gemaakt en meestal heel vroeg: Vrijwel direct na hun middelbare school of anders wel tijdens hun propedeuse. Ook de meisjes die komend jaar met een profiel “Natuur en Techniek” kiezen,  zullen dat blijven doen. De meesten zullen dit profiel weigeren. Ze zijn namelijk nu al uitstekend op hun toekomst voorbereid.

De schrijver (m) heeft destijds de zware druk om naar de TU te gaan weerstaan en heeft gekozen voor een toegepaste kunstopleiding. Hij leidt nu projectteams met technisch specialisten en heeft overigens zeer veel waardering voor hen 😉